Wie ben je? Okke Kervers, 49 jaar. Ik woon samen met mijn Japanse vrouw Kaori (48) en wij hebben 3 zonen: Haruki (13), Hayato (10) en Ibuki (7).

Wat doe je? Ik ben legal counsel; bedrijfsjurist. Ik werk voor mijzelf. Ik kan het maanden rustig hebben maar als ik een opdracht heb dan moet ik echt knallen. Dan ben ik vaak in het buitenland of werk ’s nachts omdat het elders dag is. Ik heb een mooi vak en erg naar mijn zin, elke dag is anders! Mijn hobby’s zijn; Taido, dat is een Japanse vechtkunst en ik ben voorzitter van de Honk- en Softbal Vereniging Adegeest.

Waar woon je? Sinds februari wonen wij in Voorschoten in de wijk Noord Hofland. We komen uit de binnenstad van Leiden en wilden meer rust en ruimte voor onze opgroeiende jongens. We hebben ons ook op Voorschoten georiënteerd omdat hier de honk- en softbalvereniging is. Onze middelste zoon is lid van deze vereniging en speelt honkbal.

Wat vind je van Voorschoten? Voorschoten is voor ons gezin een grote stap vooruit. Het is heel rustig wonen en wij moeten het dorp nog beter leren kennen. Lachend zegt Okke: “Ik hoorde van mijn buren dat je elkaar een goed nieuw jaar mag wensen tot de Paardenmarkt “.

Wat zou je willen veranderen aan Voorschoten of heb je leuke ideeën voor Voorschoten? Ik woon nog erg kort hier maar wat mij erg aanspreekt is dat iedereen elkaar hier goedendag zegt op straat. De inwoners van Voorschoten zijn erg vriendelijk. Ik vind het een gemiste kans voor de gemeente dat zij niet omkijkt naar de honk – en softbalvereniging. Wij zijn echt het 3e garnituur van de sportaccommodaties. Onze veldverlichting is afgekeurd door de bond, wij hebben 33.000 euro nodig om avond wedstrijden te kunnen spelen dit seizoen voor vervanging van de licht installatie.
Er wordt hier in Voorschoten veel geld uitgegeven aan allerlei projecten: nieuwe kliko bakken (ik kreeg er in drie dagen 6 aangeboden), uitbreiding van de haven bij de ijsbaan en duurzame bamboe verkeersboorden………..voor een bloeiende Honk- en Softbal vereniging is geen cent over en dat is jammer!

Met dank aan Okke Kervers.

Pin It